donderdag 22 augustus 2019

Hype

De zomer is hét ideale seizoen voor de makers van tijdschriften om in te haken op wat gezond is wat niet. En zo krijg ik nu, in een voor mij nog onbekend land, de nieuwste hypes omtrent yoga, superfood en diëten voorgeschoteld. Want als ik op vakantie ben is het lezen van een gewoon boek gedoemd te mislukken. Eenmaal op een bedje in de zon vallen mijn ogen namelijk te pas en te onpas dicht, waardoor ik nauwelijks de kans krijg om me in het verhaal te verdiepen. Geef mij dus maar gewoon een stapel tijdschriften, waarbij ik na elk artikel toe kan geven aan mijn chronische slaaptekort.

Het ene artikel is nog lovender dan het andere. Zo lees ik de gouden tips om op weg te gaan naar de 100 jaar in goede gezondheid: matig intensief bewegen, voldoende rust nemen, dankbaar zijn, in het nu leven...bla bla bla Was het allemaal maar zo eenvoudig. Oké, misschien helpt het wel mee, maar garantie tot de deur( of tot je het tijdschrift uit hebt).

Als het serieus zo simpel was, had Johan nu gewoon op het bedje naast me gelegen.
Ik zou namelijk niet weten welk van die dingen hij heeft overgeslagen. Sterker nog, in mijn ogen was zijn lijstje met gezondheidsregels nog veel langer. Hij dronk nauwelijks, heeft in zijn hele leven niet één trekje van een sigaret genomen, hij had geen stress en at behoorlijk gezond. Hét bewijs dat al die tips gewoon bladvulling zijn. En wij lezen het maar al te graag. Mensen willen namelijk graag het idee hebben dat ze ergens controle en grip op hebben.

Wat is dan fijner om zwart op wit te lezen dat je alles kunt bereiken wat je wilt? Er wordt voor het gemak even geen rekening gehouden met de werkelijkheid. Ziek worden is in de meeste gevallen niet te wijten aan eigen schuld. Er zijn helaas zoveel andere factoren die daar een rol in spelen. En dat geldt ook voor doodgaan. Leef je je hele leven volgens "de regeltjes", helpt vervolgens een of andere ( misschien wel stomdronken) knuppel je naar het hiernamaals. Terwijl jij zó in het nu leefde en trouw je yoga-oefeningen deed om "Zen" te blijven. Ik weet niet of je daar dan ook nog zo dankbaar naar kunt kijken.

Een ander artikel in hetzelfde tijdschrift zegt dat je van regelmatige seks een sterk hart krijgt, in elk geval de man, is uit onderzoek gebleken. Laat dat nou het enige orgaan zijn wat het nog een beetje deed bij Johan. De enige reden waarom hij het zolang volhield terwijl de rest van zijn lijf het liet afweten. Zou dat artikel dan toch een kern van waarheid bevatten, of bevestigt het wat het eerste artikel al beweerde? Namelijk dat je moet genieten van elke dag die je is gegeven.

Dat Johan en ik dat altijd gedaan hebben, is regelmatig één van de vele dingen waar ik dankbaar voor kan zijn. Maar veel liever had ik hem hier naast me gehad, op dat bedje dat voor altijd leeg is...



zondag 4 augustus 2019

Overmacht

Zondagochtend 8 uur. Ik heb geen wekker hoeven zetten en dat was maar goed ook. De warmte van de laatste weken vergt nogal wat van mijn nachtrust. Daarbij slaap ik eigenlijk pas écht als de laatste van mijn jongens zich bij thuiskomst heeft gemeld, en aangezien ik morgen weer moet werken wil ik me nog even lekker omdraaien.

8.01 uur. "Mam?"... Ik hoor het wel maar negeer het. Niet nu, niet op mijn enige uitslaapochtend. "Mama?..."
Pfff.... hmmm?? "Mam, ik ben zo misselijk".
Ik vraag of hij dan misschien wat paracetamol wil en of hij een emmer kan pakken, just in case.
"Ja maar kunt U dat dan misschien even doen? Het duurde namelijk al tien minuten voordat ik van mijn bed naar de bank kon komen."

Tja, dan toch maar mijn bed uit. Ik geef hem de emmer en vertrek weer naar bed. Ik voel me onrustig. Het enige dat zich als een mantra herhaalt in mijn hoofd is: Ik wil het niet, niet wéér! Ik wil dat alles gewóón is, saai voor mij een part. Nee, ik wil het gewoon niet meer, ik ben nog steeds moe van toen...
Als een mokerslag komt het binnen. Ik ben blijkbaar zó klaar met het zorgen voor... natuurlijk wil ik zorgen voor mijn gezin, maar ik wil géén situaties waarin ik volledig in charge ben. Geen hulpbehoevenden meer graag, ook al kunnen ze er natuurlijk totaal niks aan doen. Ik wil niet meer hoeven rennen naar dokters op onmogelijke tijden, pillen geven, spuugbakjes aangeven en moeten legen, alles regelen oftewel: alle ballen in de lucht houden.
Ik wil eigenlijk dat ik gewoon al die ballen op de grond kan laten donderen, en dat iemand anders ze dan eens opraapt...

Helaas voor mij, maar dat zit er even niet. Kindlief heeft gevoetbald en is daarbij lelijk geblesseerd geraakt aan zijn knie. Het is dik, doet zeer, hij kan er nauwelijks op lopen, laat staan dat hij zelf naar de fysio kan fietsen. Dus zorg ik zonder mopperen voor coldpacks, smeer nog maar een zalfje, loop kleine blokjes door de straat met hem en probeer mijn onrust de kop in te drukken.
Want op zijn beurt probeert hij het heus wel, net als zijn vader een paar jaar terug. Ondanks de pijn zet hij een bakkie en als hij gaat afwassen met Luuk, pakt hij er een stoel bij.

Ik denk ( en hoop) dat de schade meevalt. Zolang er niet duidelijk is wat er precies is, zal ik hem taxiën. Ik zal de zorgzaamheid van de onrust laten winnen. Omdat het voor hem toch al zo zuur is. En over het algemeen gaat een zere knie weer een keer over, ook gaan daar soms wel een paar weken overheen. Dit in tegenstelling tot de onrust die machteloosheid bij ziekte veroorzaakt. Dat gevoel lijkt soms verdwenen, maar steekt in dit soort situaties blijkbaar toch weer de kop op. Ongeneeslijk, helaas. Als die knie dan tenminste maar snel weer beter wordt...


donderdag 25 juli 2019

Remember the promise we made


Oké, het zat er wel een keer aan te komen. Waar ik altijd bemoedigend hoor dat ik zo stoer en dapper ben, voel ik me nu verre van dat. Ik weet ook precies waar het door komt.

Onze allerlaatste dag in Indonesië is aangebroken. De laatste dag van de laatste belofte die ik aan Johan heb gedaan. Soms ben ik blij dat ik geen tientallen beloftes gedaan heb. Niet alleen omdat ik die wellicht nooit allemaal zou kunnen waarmaken, maar ook omdat het knap vermoeiend is soms. Leven met de "verplichting" om je aan je woord te houden. Al moet ik toegeven dat het soms ook fijn was, omdat het enige houvast gaf.

Terugkijkend op zijn naderde dood heb ik twee beloftes gedaan, en nu dus alle twee vervuld.
De eerste leek me niet zo moeilijk: zorgen dat hij nooit vergeten wordt. Daarbij dacht ik toen dat het voldoende zou zijn om het over hem te blíjven hebben, zijn naam te blijven noemen en zijn grapjes in ere te houden. In de praktijk is er behalve onze eigen herinneringen ook een boek uitgekomen, dat in menig boekenkast prijkt. Missie geslaagd wat mij betreft!

De tweede was om de reis die we zouden gaan maken alsnog te doen. We did it...
Niet half, maar héél, niet "ff snel" maar gewoon drie volle weken...
En vandaag is de laatste dag...
Straks ben ik weer thuis, en dan? Voor het eerst heb ik spijt dat ik geen waslijst vol beloftes heb gedaan. Ongemerkt hebben de laatste jaren toch in het teken daarvan gestaan. Het gaf me een doel, "I had a job to do". Het was nog iets van òns. Waarom voelt het nu alsof dat klaar is?

Ik weet het even niet meer. Wat zal me straks nog drijven? De jongens worden ouder en ( gelukkig maar want zo hoort het ook) vinden steeds meer hun eigen weg.
Zal ik zelf ook mijn weg gaan vinden? Zal ik iets vinden waar ik energie van krijg, kracht uit haal en wat me nuttig laat voelen?
Johan zei op het laatst dat ik mijn weg weer zou vinden, was dat misschien een belofte van hem aan mij? Dat hij me aan zal sturen? Ik mag het hopen. Want voor nu zit ik er even doorheen... voor mijn gevoel ben ik terug bij af.

Vandaag mag ik huilen, mijn tranen laat ik hier achter op Bali, het eiland waar we van zijn gaan houden. Het eiland dat onze droom heeft waargemaakt. Tranen om alles wat ik moet missen, maar ook tranen om wat ik nog heb. Want ik heb me hier regelmatig gerealiseerd hoe rijk ik ben met zulke geweldige jongens.

Een schat aan nieuwe herinneringen nemen we mee naar Nederland, waar ik mezelf opnieuw tijd ga geven om tot rust te komen. Om te bedenken wat ik wil, of dat ik alles maar gewoon laat gebeuren. Zonder specifiek doel zorgen dat ik dat geluksgevoel behoud. Elke dag een beetje, en soms een beetje meer.
Lijkt me een mooie belofte!





donderdag 18 juli 2019

Belofte maakt schuld


Hier lig ik dan, ruim 12000 kilometer van huis, op mijn bedje bij het zwembad. Alles is anders: het verkeer, de taal, het eten, de mensen... Maar ondanks dat en de afstand, is het dezelfde zon die mijn huid verwarmt. En mis ik je hier ook. Net zoveel als thuis, of misschien wel meer.

Weet je nog dat we het hier voor het eerst over hadden? Een paar jaar geleden, toen het idee dat we  25 jaar getrouwd zouden zijn, nog  een soort vanzelfsprekendheid was? Ervan overtuigd dat we dat gingen halen, begon het dromen over een mooie reis. Jij wilde ook nog een groot feest geven, dus zouden we het gewoon allebei doen. Waarom ook niet? Je krijgt maar één kans, daarom moet je vieren wat je vieren kunt. Elke dag plukken, daar was je een kei in.

We droomden van witte stranden, palmbomen en een andere cultuur. Of het Aruba, Zuid-Afrika of Azië zou worden, daar waren we nog niet uit. Maar de reis zou er komen, met zijn vijven, omdat het wellicht ook de laatste gezinsvakantie zou kunnen worden. We waren er van overtuigd dat we onze droom waar zouden maken en begonnen alvast met sparen.

Maar toen gebeurde wat niemand op voorhand had voorzien. Je werd ziek en, geheel tegen alle verwachtingen in, overleed je twee weken na onze 23e trouwdag. Niet alleen déze droom, maar ál onze plannen vielen  in het water. We moesten door met zijn vieren, en hoe vreselijk klote dat ook is, het lukt ons op de een of andere manier om staande te blijven.

Vandaar dat onze droom toch weer omhoog borrelde  toen de datum van ons zilveren huwelijksfeest naderde. Zou ik het gewoon doén? Schijt hebben aan wat anderen ervan zouden denken, de armoede de pest laten krijgen en gáán voor wat we elkaar beloofd hadden: de jongens laten zien dat er meer is in de wereld. Het leven léven... omdat je nooit weet wanneer je leven ooit wéér op zijn kop zal staan.

En zo komt het dat ik hier nu lig. Twee weken lang hebben we elke dag gereisd, ontelbare tempels gezien, rijstvelden, plantages en heel veel meer. Soms gebeurde er iets, of zagen we dingen waardoor jij je aanwezigheid liet blijken. Zo heb niet alleen ik, maar ook jij je aan je belofte gehouden. Deze reis hebben toch een beetje met zijn vijven gemaakt. We proberen van alles te genieten, en door onze ogen geniet jij mee. En als ik eens een keer breek, is dat jouw onmacht die eruit komt. Jouw verdriet omdat je er niet écht bij kunt zijn. Maar ik voel je trots dat we alsnog zijn gegaan, al was daar eigenlijk weinig twijfel over bij mij.
Want er is me altijd geleerd dat wat je beloofd hebt, moet je doen...



donderdag 13 juni 2019

Komt wel goed schatje

Vandaag is het 14 juni. Op zich geen speciale datum voor mij, maar dit jaar wel een vreemde dag. Ik ben vandaag op de kop af 46 jaar en 273 dagen. Ik hoor jullie denken: oké.... hoe kom je daar nou op? Nou, daar heb je hele handige online tools voor die feilloos voor je uitrekenen hoe oud je bent. Toen Johan een poosje dood was heb ik namelijk berekend hoe oud híj precies geworden was.

14 juni... Vandaag ben ik op de dag af net zo oud als Johan was toen hij stierf. Het laat me weer even nadenken over mijn leven. Wat heb ik tot nu toe bereikt? Maar ook wat wíl ik nog graag in de toekomst? Met wat ik heb bereikt ben ik dik tevreden, maar durf ik nog verwachtingen te hebben voor de komende jaren? Verdien ik die kansen wel? Durf ik me nog open te stellen voor nieuwe dingen?

Ik probeer me te verplaatsen in hoe Johan zich moet hebben gevoeld. Ruim twee jaar ziek zijn, steeds zieker worden en de situatie steeds uitzichtlozer. In je achterhoofd wéten dat je dit nooit zult kunnen winnen. Weten wat je achter zult moeten laten. Weten dat je heel veel belangrijke gebeurtenissen in het leven van je kinderen zult moeten missen. We hebben nog veel besproken, maar toch bleef de dood een onuitgesproken iets. Alsof we allebei wisten dat het onvermijdelijk was, iets waar we allebei verdrietig van werden, en er daarom beiden over zwegen. Gevolg was dat ik mezelf diep van binnen heel stilletjes voorbereidde op het vreselijke moment dat het einde verhaal zou zijn.

Ik ben er van overtuigd dat hij dat ook deed. Heel stil, een onuitwisbare lach op zijn gezicht maar ik las het verdriet in zijn ogen. Wat deed dat zeer... Als mijn angst naar boven kwam troostte hij me met de woorden: het komt wel goed schatje.
En dat kwam het ook steeds, zó vaak zelfs, dat ik er bijna in ging geloven.

46 jaar en 273 dagen. Ik wil niet dat mijn leven al over is, net zo min als hij dat wilde. Hij verdient het op zijn minst dat ik nog wat van mijn leven maak. Voor hem, voor de jongens en ook voor mezelf. Opnieuw beginnen kan niet, daarvoor neem ik teveel moois mee uit mijn eerste kleine 47 jaar. En ook al ben ik hoogstwaarschijnlijk wel over de helft, ik kan nog steeds verder bouwen op de stevige fundering die er al ligt. Ik heb alle emoties daarin al verankerd liggen, van liefde en geluk tot ziekte, verdriet en dood. Niets heeft me eronder gekregen dus mag ik vertrouwen op de woorden die Johan nog steeds vaak fluistert in mijn hoofd:
Komt wel goed schatje!






donderdag 16 mei 2019

Anne, Julie, Tanja en....

Ik ben gewoon stil....
Heel het land is stil met mij.
Al die slopende dagen dat we zochten, hoopten, maar eigenlijk niet meer dúrfden te geloven dat Anne gevonden zou worden.
Anne, een doodgewoon meisje die we niet persoonlijk kenden, maar die de gemoederen in het hele land bezig hield.
Ik zie op de foto's een vrolijke meid, die gewoon een stukje ging fietsen. Nog één keer een selfie en dan stilte....

Net zoals mensen zich niet in onze situatie kunnen verplaatsen, kunnen wij ons totaal niet indenken hoé vreselijk het is als je (klein)kind, je zus,  nichtje of vriendin wordt vermist.
De hoop die iedereen nog voelt de eerste dagen, maar dan...
Hoe langer het duurt hoe wanhopiger je word kan ik me zo indenken.
Elk spoor, elke aanwijzing grijp je aan. Bij elk telefoontje zit je hart in je keel....

En dan vandaag het trieste nieuws dat haar lichaam is gevonden....
Ze was gewoon op het verkeerde moment op de verkeerde plaats.
Of moeten we zeggen dat de dader nóóit op die plaats had mogen zijn?
Dat het rechtsysteem in Nederland wel heel krom is?
Dat het te zot voor woorden is dat er met zoveel zorg wordt omgegaan met de daders, in plaats van de samenleving te beschermen tegen dit soort lui?

De onzekerheid is voorbij.
Familie en vrienden hebben "gelukkig" hun Anne's lichaam terug om daar met heel veel pijn afscheid van te kunnen nemen.
Want er zijn nog heel veel "Annes" die nog niet gevonden zijn. Families die nog steeds zoeken, daders die nog vrij rondlopen, wachtend op een volgende Anne...

Lieve mensen laten we wat meer naar elkaar omkijken.
Zullen we elkaar wat meer helpen en zorgen dat deze monsters geen kans meer krijgen? Want niemand wil op het verkeerde moment op de verkeerde plek zijn....

Rust zacht lieve Anne, Julie en….❤


donderdag 25 april 2019

All the single ladies

Nooit, maar dan ook nóóit heb ik gedacht dat ik dit nog eens zou zijn: a single lady.
Geen lastige toestanden, niet zielig, best happy maar ja, toch echt wel in mijn eentje. En weet je, eigenlijk kan ik dat best goed! De slogan: "een slimme meid is op haar toekomst voorbereid" kwam pas in het nieuws toen ik allang gesetteld was. Maar toch blijk ik beter voorbereid dan ik dacht. Ondanks dat mijn toekomst totaal anders werd dan ik voor ogen had.

Anders dan ik altijd vermoedde heb ik, om mijn leven leefbaar te houden, niet persé een man nodig. Zo heb ik geen gebrek aan een man om me financieel te onderhouden. Ik red me uitstekend zo, er is elke dag brood op de plank en bovendien ben ik behoorlijk goed in het bijhouden van mijn ( financiële) administratie . Ook woon ik prima, en weet met de meeste klusjes in huis prima te dealen. So far so good zou je denken. Maar eigenlijk ligt dáár ook precies het probleem.

Want ja, ik kan best veel. Naast het bovengenoemde ben ik namelijk ook nog af en toe kapster, schrijf ik graag en ook het zorgen voor anderen staat hoog op mijn lijstje. Toen Johan ziek werd ontpopte zich een ware verpleegkundige in mij. Een duizendpoot dus, maar met één groot probleem;
Ik mis de diploma's. Alles wat ik kan heb ik geleerd door het gewoon te doen, aan ervaring inmiddels geen gebrek.

Gezond verstand (én de lessen handelswetenschappen van Dhr Correira) leerden me, dat je financieel overeind blijft zolang er meer geld binnen komt dan eruit gaat. Overzicht is daarbij cruciaal, maar als echte september-maagd is orde scheppen bij mij geen enkel probleem.
Johan was hier de handigste in huis, maar hij stimuleerde me altijd om te helpen. Verven en behangen zijn niet moeilijk, je moet het gewoon een keer doen. En als het mislukt doe je het opnieuw. Inmiddels kan ik zelfs laminaat leggen en ontstop ik afvoeren alsof ik een eigen klusbedrijf heb.
Hetzelfde geldt voor de kappersschaar. Ook dat is een kwestie van durven. Toen de jongens klein waren was de tondeuse genoeg, maar nu ze ouder zijn hebben ze ook andere kapsel-wensen. Ik heb het mezelf aangeleerd en natuurlijk ging het ook weleens mis maar gelukkig groeit haar weer aan😉

Wat mijn medische kennis betreft, kom ik natuurlijk niet veel verder dan non-hodgkin traject dat wij hebben doorlopen. Mijn langgekoesterde droom om verpleegkundige worden kwam toch nog een beetje uit. Al had ik die liever niet op mijn eigen man gepraktiseerd. Ik heb in die paar jaar zóveel kennis opgedaan, dat ik serieus zo op de afdeling had kunnen worden ingezet.

Maar nu dus de vraag; wil ik dat nog wel? Want op mijn lijstje ervaring ga ik zonder papieren nergens aangenomen worden. Niet als financieel administrateur, niet als kapster en ook niet als verpleegkundige. En als ik besluit om tóch nog dat diploma te gaan halen, wáár kies ik dan voor? Ik vind namelijk alles leuk.

Of besluit ik om lekker door te gaan met het verzamelen van ervaring. In alles wat ik kan en leuk vind om te doen.
Als single lady en slimme meid.
Met wellicht ooit een man, niet omdat ik hem nodig heb, maar puur voor de gezelligheid!










Pippi


In welk bekend figuur herken jij jezelf? Of op wie zou je wel willen lijken? Voor mezelf lijkt dat niet zo moeilijk. Ik voel me namelijk af en toe net Pippi Langkous. Want tegenwoordig trek ik me steeds iets minder aan van wat anderen van me denken, ik durf meer dan ik wist én ik blijk bij tijd en wijle een stuk stoerder dan ik ooit had gedacht. We hebben allebei een huis, een aapje ( ik zelfs 3 😉) en een bed waarin we slapen. Ik heb alleen geen paard.

Maar het grootste verschil is dat Pippi nog jong is en als credo heeft:
" Ik heb het nog nooit gedaan dus ik denk dat ik het wel kan". Heerlijk die onbevangenheid, dat geloof in je eigen kunnen. Alles gewoon doén, ongeacht of je het kunt. Met mijn 20 jaar plus 26 jaar ervaring, heb ik al voor heel wat hete vuren gestaan. Mijn credo is dus tegenwoordig:
" Ik heb het vast al eens gedaan en hoop dat ik het nog een keer kan en durf".

Want mijn  onbevangenheid ben ik helaas kwijt. Het is niet zo dat ik geen risico's meer durf te nemen, of dingen nu uit de weg ga. Integendeel, ik ben voor weinig dingen nog bang. Hoe nieuw, eng of spannend ik iets ook vind, bij alles denk ik: wat heb ik te verliezen? Eigenlijk is het antwoord altijd eenduidig: niets! Ik ben ook niet meer bang voor wat anderen wel niet zullen denken of zeggen. We weten namelijk allemaal dat iedereen wel wat te zeggen heeft, wàt je ook doet. Tegenwoordig leg ik dat makkelijker naast me neer. 'Ga eerst maar eens in mijn schoenen staan', denk ik dan. Kijken hoe je zelf overeind zou blijven.

Gelukkig valt het wel mee met het commentaar in mijn omgeving, en als ze het achter mijn rug om doen, is mijn rug wellicht wat breder dan ik dacht. Nee, ik stap momenteel makkelijk op dingen af. Óók omdat ik geen spijt wil hebben van gemiste kansen. Ik wil geen tijd verspillen met twijfelen of ik het wel kan. Dat zie ik wel als ik het gedaan heb. Het is meer dat ik bang ben dat het niet lukt. Net zoals het me niet lukte om het tij te keren toen Jo ziek werd. Ik besef dat ik me daardoor niet moet laten afschrikken, me niet moet laten leiden door angst om te falen.

Dus hou ik me vast aan Pippi en probeer ik zo onbevangen mogelijk te beginnen aan de rest van mijn leven.
" Ik probeer alles, of ik het nou al eens gedaan heb of niet. En ik denk dat ik dát wel kan!"



donderdag 11 april 2019

Bloedserieus


Ik zie het nog steeds voor me. Twee keer per jaar hingen er vlaggen van het Rode Kruis rond de oude mavo. Iedereen in het dorp wist dat er weer bloed gedoneerd kon worden. Ook al was het een ver-van-mijn-bed-show, vanaf het moment dat ik mócht geven heb ik het gedaan. Beetje primitief, op veldbedjes, maar met het goede doel voor ogen.

Bij Johan was het vergelijkbaar. Zijn vader gaf al sinds jaar en dag bloed bij de bloedbank, en het was voor hem niet meer dan logisch dat hij dat ook ging doen. Na een aantal jaren hield het, mede door regelgeving en veiligheid, voor het Rode Kruis op. Iedereen werd verzocht voortaan naar Leiden te gaan voor donaties. En zo konden Jo en ik gezellig samen. Op een gegeven moment werd ons de vraag gesteld of we plasmadonor wilden worden. Dat mag vaker (elke twee-drie weken) en duurt wat langer maar ach, je ligt daar niet op een veldbed. Nee, het zijn heerlijke stoelen, bakkie erbij, eventueel wat lekkers als je klaar bent. Prima te doen!

Later zijn we allebei nog gevraagd om plaatjesdonor (op afroep) en beenmergdonor te worden. Overal zeiden wij ja op. ‘Beter geven dan nemen’ was ons motto. En buiten dat: we waren er van overtuigd dat we gezond waren. Dat moest haast wel als je zo vaak werd gecheckt! Helaas ging die vlieger niet op. Ze kunnen je namelijk niet overal op testen. En zo kwam het moment dat Johan in plaats van te geven, moest némen. Heel raar. Vooral ook omdat je je dán pas realiseert hoe belangrijk donoren zijn.

Johan heeft meer dan 100 keer plasma gegeven zonder daar verder over na te denken. Maar als je het dan nodig hebt, zie je het in een heel ander licht. Voor elke zak bloedplaatjes die hij kreeg, zijn zes donoren nodig. Op een gegeven moment was dat vier keer per week, dus dat waren er al vierentwintig! En Johan is niet de enige die dat nodig had, hè. Misschien krijgen in Nederland wel 1000 mensen per dag een plaatjestransfusie. Geen enkele keer werd er gezegd: We hebben het niet voor u. Al die donoren die belangeloos hun ritje naar de bloedbank maken, zijn goud waard!

Voor mij een reden om zolang ik het kan ermee door te gaan. Intussen ben ik ook al ruim boven de 125 donaties. Ik denk aan de mensen die we er mee hebben kunnen helpen, ondersteunen, wellicht wat extra tijd hebben gegeven. Ook de jongens zijn ermee begonnen op hun achttiende. Omdat zij precies weten waarom die voorraad bij de bloedbank op peil moet worden gehouden.

Denk er maar eens over na. Als je kunt, meld je dan aan en probeer het. Stoppen kan altijd. Maar realiseer je dat je het zelf ook ooit nodig kunt hebben. Er is namelijk altijd een kans dat geven nemen wordt.

dinsdag 2 april 2019

Avontuur

Ik sta op een kruispunt. Niet zomaar eentje, maar voor mijn gevoel een hele belangrijke. Bijna mijn hele leven liep ik met Johan naast me, onze handen verstrengeld. Zo namen we feilloos dezelfde wegen, liepen naast elkaar. En mocht een van ons wat sneller gaan, wist de ander hem altijd in te halen. We kozen voor veilig, weken nauwelijks van het pad af. Maar nu is het anders.

Ik loop zonder hem als gids, en hoewel ik echt het gevoel heb dat Jo me volgt, moet ik zelf kiezen waar ik heen ga. Ik merk dat ik nieuwsgierig word. Wat zou er op de andere paden zijn? Durf ik het aan om eens níét voor de veiligste weg te kiezen. Heb ik het lef om eindelijk een keer risico's te nemen? Onbevangen en avontuurlijk, gewoon zien waar ik uitkom? Het is zó niks voor mij.

Ik stippel altijd alles uit, wil zelfs op vakantie van tevoren weten waar ik elke nacht zal slapen. Erg voorspelbaar maar in elk geval veilig. Soms denk ik dat ik best wat meer avontuur zou willen. Ontdekken wat er verder nog is: steden en landen, maar misschien ook wel op persoonlijk vlak. Ben ik al te oud voor een studie? Of ga ik verder met schrijven? De laatste jaren waren zwaar, hebben me stilgezet. Zonder spijt ben ik vol voor ons gezin gegaan, ik zou het overigens zó  wéér doen. Er was al spanning en sensatie genoeg, zelfs op ons veilige paadje.

Maar nu... durf ik op deze kruising niet alleen voor de jongens te kiezen, maar ook voor mezelf? Ik heb geen idee wat ik wil, maar hoe mooi zou het zijn als ik daar op een onverharde weg achter zou komen? Als ik talenten in mezelf zou ontdekken die diep verscholen zijn? Als ik durf te vertrouwen op mijn toekomst in plaats van vast te houden aan het veilige verleden... durf ik dat allemaal in mijn eentje?

Want wat als ik verdwaal, liever terug wil naar de bekende weg? Of keihard wordt geconfronteerd met dingen ik eigenlijk toch liever niet wil. Heeft mijn ziel alweer genoeg eelt om mezelf op te kunnen vangen? Of loop ik dan onherstelbare schade op? Is er dan nog wel een mogelijkheid om terug te keren? Terug naar het kruispunt waar ik nu sta.

Ik blijf denk nog even hier, nog even moed verzamelen voordat ik in het diepe spring. Voordat ik het aandurf om mijn vleugels uit te slaan naar de onbekende toekomst. En áls ik het doe neem ik Johan zijn woorden mee als gids: ga je mee verdwalen? Ik weet de weg...

Lief leven

Ik zweef. Alsof ik word opgetild en behoedzaam vrij word gelaten, ver boven alles en iedereen. Onwennig spreid ik mijn vleugels en zoek naar een goede richting. Laat ik me meevoeren op de wind of vlieg ik uit alle macht tegen de wind in? Wil ik vooruit komen of terug naar het verleden?
Ik overzie alles. Ik zoek, maar wàt ik zoek laat zich niet vinden. Het geluid van de wind geeft slechts in een fluistering zijn naam. Hoeveel wolken ik ook passeer, nergens zit hij trots naar beneden te kijken. Terwijl ik voel dat hij me stuurt en dus wel ergens móet zijn...
Daarom blijf ik zweven.

Ik beef. De angst dat dit het is benauwd me soms. Stel dat dit alles is, die 40, 70 of misschien 100 jaar dat je hier op aarde bent... zonder vervolg, zonder gevolgen. Dat het stopt zodra je aardse lijf ophoudt te bestaan. Als je geest zich onzichtbaar vermengd met een ieder die ons is voorgegaan. Wat een doolhof moet dat zijn. Bijna een onmogelijke missie om je zielemaatje ooit nog terug te vinden in die wirwar van entiteiten... en dus blijf ik beven.

Ik geef. Bewust en onbewust, want is dat niet waar het om draait? Het delen van wat je hebt met elkaar? Je kennis, aandacht en liefde, zodat een ander daar ook weer mee verder kan. Ik geef, omdat ik er positieve energie van krijg. Daarmee geef ik dus niet alleen aan een ander, maar indirect ook aan mezelf. Daarom blijf ik geven.

Ik streef. Ik streef naar een wereld waarin geen onrecht is. Geen ziekte, armoede, oorlog en waarin niemand honger heeft of zich alleen voelt.
Gelijke rechten voor iedereen, hoe mooi zou dat zijn. Helaas lijkt dat voorlopig nog een utopie, maar volgens mij niet onmogelijk, en daarom blijf ik streven.

Ik leef. Ik leef een leven dat ik niet had voorzien. Een leven dat grote gelijkenissen heeft met het leven van vele anderen. Het gemis van Johan drukt elke dag nog een stempel op ons gezin, net zoals anderen door moeten met een lege plek. Maar hey, ik lééf. Door het verlies besef ik dat ik elke dag moet pakken. Doelen mag hebben en dromen achterna moet gaan. De dromen die we samen hadden en nieuwe dromen die ik krijg. Dat ben ik verplicht aan Jo en aan mezelf, zodat ook híj zo een beetje levend blijft. Dromen genoeg, ik ben nog lang niet klaar, en daarom.... blijf ik leven!




Januari


De eerste maand van het jaar, ik heb hem nooit begrepen. Je zou toch denken dat dat een leuke en gezellige maand moet zijn. Een feestje, omdat er weer met een schone lei kan worden begonnen. Nieuwe ronde, nieuwe kansen. Nou, ik heb nooit van januari gehouden en nu al helemaal niet meer.

Ondanks dat de donkere, kortste dag allang geweest is, lijken de dagen in januari nóg korter en donkerder. In december heeft bijna iedereen namelijk volop lichtjes hangen, waardoor de huizen gezelligheid en warmte uitstralen. De eerste week van januari worden die massaal weer opgeborgen, waardoor niet alleen het licht verdwijnt, maar ook het feestelijke gevoel. En dan zijn het óók nog eens 31 dagen...

Gek dat iedereen altijd denkt dat december extra lastig is als je een dierbare bent verloren. Misschien dat anderen het anders ervaren, maar ik vind januari een stuk moeilijker. Ondanks dat december niet alleen alle feestdagen omvat, maar ook nog eens Johan's sterfdag...

Dat zit zo: Begin december zijn er de sintkadootjes, gevolgd door lieve kaartjes van mensen die onze D-day wat draaglijker willen maken. Vlak daarna vallen de eerste kerstkaarten op de mat. Een extra kaarsje, extra knuffels, een kerstboom en heel veel kerstbrood later volgen er oliebollen en champagne. En dan... is het stil...
Geen kaartjes en knuffels, geen oliebollen of appelflappen meer. Al is het maar omdat het "vaste" goede voornemen nou eenmaal is, dat de overtollige decemberkilo's er weer af moeten.

Een dodelijk saaie maand ligt voor me. Daarbij komt óók nog eens dat ik gewoon niet van kou hou, en laat de winter nou tegenwoordig elk jaar een beetje later beginnen...
Komt er dus op neer dat de ellende nog moet beginnen. Want nee, ik ben niet gemaakt om op schaatsen te staan. Ik wil gewoon liever lopen. Eindeloze wandelingen door duin, over het strand of gewoon over straat, alleen dan wel zónder het gevaar finaal op mijn plaat te gaan omdat het ineens glad is...

Ik verlang naar de zomer, naar lange warme avonden, naar roséetjes op het terras. Toch weet ik ook hoe gevaarlijk "verlangen naar" is.
Je krijgt namelijk nooit wat je wilt, en door te verlangen naar iets, in het verleden of in de toekomst, vergeet je om te leven in het nú.

Dus ik vrees dat ik nog even moet doorbijten. Ik steek een paar extra kaarsen aan voor een beetje meer licht en bak wat appelflappen voor vanavond. Leven in het nú, elke dag een beetje. Dan wordt zélfs januari misschien toch nog gezellig...




maandag 1 april 2019

This time next year


We staan weer aan de vooravond van een nieuw jaar. Het derde volle jaar waarin jij lijfelijk geen deel meer uit zult maken van ons leven, maar waarin jij ongetwijfeld toch ook weer een rol zult spelen. Alleen al vanwege het feit dat jij een betere versie van onszelf hebt gemaakt.

Ik kijk terug op een totaal ander jaar dan 2017. Toen dat jaar begon, stond ik aan het begin van mijn nieuwe leven. Een leven waar ik nooit voor heb gekozen, een leven dat ik eigenlijk niet wilde. Belangrijkste doel was overeind blijven en mezelf vasthouden aan wat er nog wél was. Klinkt allemaal heel makkelijk en voor buitenstaanders leek het me misschien ook makkelijk af te gaan, maar neem van mij aan dat schijn bedriegt. Ik had een blauwe kont van alle schoppen die ik mezelf onder mijn reet heb gegeven. Constant mezelf voorhouden dat er nog zoveel wél was. Prachtig natuurlijk, maar soms voelde het gewoon niet zo. En dan voelde ik me schuldig en ondankbaar. Complete onzin natuurlijk, maar logisch nadenken is vaak erg lastig als je rouwt.

Dit jaar zou ik het anders doen. Ik zou liever worden voor mezelf, beter zorgen voor mijn lijf en mijn onbekende wereld gaan ontdekken. Wat vind ík leuk en belangrijk? Wat zou mijn nieuwe doel zijn, mijn nieuwe uitdaging, waar zou ik energie van krijgen?
Of het me gelukt is? Zeg het zelf maar...

Ben ik liever voor mezelf? Ja en nee. Ik ben nog steeds teveel bezig met hoe het hoort, daarmee leg ik mezelf onnodig veel druk op. Ik kan daarentegen nog steeds wel vol genieten van kleine geluksmomenten. Of dat nou een heerlijke wandeling is, een gezellige lunch met lieve mensen of de scherpe humor van de jongens.
De weegschaal geeft inmiddels acht kilo minder aan dan het begin van het jaar. Dus dat is ongetwijfeld beter voor mijn lijf. So far so good...

En dan de uitdaging. Nou die heb ik wel gehad. Sterker nog, ik ben een compleet nieuwe wereld ingestapt, met al mijn angst en onzekerheid.
Ik heb gewoon een prachtig boek uitgegeven! Hoe vet is dat! De belofte die ik Johan heb gedaan, dat hij nóóit vergeten zal worden, heb ik hiermee in één klap ingelost. Heb ik de lat hoog gelegd? Ja best wel, ik had aardig wat eisen omtrent de vormgeving en verkoopprijs.
Ik heb er nachten van wakker gelegen, geen bloed maar wel zweet en heel veel tranen.
En toch, het was het allemaal dubbel en dwars waard.

Maar nu, wat zijn mijn doelen in 2019? Ik hoop wat minder druk vanuit mezelf. Deel twee van het boek is bijna geschreven, wat op zich al wat rust geeft.
Eind van komend jaar hoeft de weegschaal maar 4-5 kilo minder aan te geven, ook daar dus wat minder focus op.
En verder ga ik het wel zien. Open en onbevangen probeer ik het nieuwe jaar te omhelzen, het leven te leven en kansen te pakken die me worden geboden. Een deel van mij is nog steeds bang voor onbekende wegen. Ik ga proberen om die angst het hoofd te bieden. Vastbesloten om er een mooi jaar van te maken.

Ik wens jullie hetzelfde toe voor het nieuwe jaar. Leef het leven uit liefde voor jezelf met oog voor een ander.
Of het me gelukt is horen jullie,
This time next year!



The Christmas Station


Ken je dat? Zo'n situatie waarvan je denkt: "Hey, dit heb ik al een keer gedaan of beleefd". Een déjà vu waarbij je zelfs weer het gevoel ervaart wat je eerder al hebt ondervonden.
Ik had het laatst. Gewoon op een doordeweekse dag, het was nog net november.

Ik reed op een weg die ik denk wel honderdduizend keer heb gereden. Zo'n weg waarvan je elk bochtje en hobbeltje blindelings weet te vinden. De weg die ik moest nemen als ik naar het ziekenhuis ging. De weg ook die ik hoe dan ook moet nemen als ik vanuit het dorp richting de snelweg moet. Normaal heb ik er dan ook geen moeite of specifieke associaties mee.
Tot vorige week.

Ik draaide de eerste rotonde op en daar was het, die éne jingle op de radio wierp me twee jaar terug in de tijd. Dat ene gezongen zinnetje "all your favorite christmassongs... Sky Radio..." maakte dat
ik het stuur net even wat steviger vastpakte. Ik voelde in één klap zoveel spanning in mijn lijf.
Ik had dit al een keer beleefd, dat ik precies hiér reed en dit hoorde op de radio. Ik weet ook nog exact wanneer dat was...

Het was 8 december 2016,  tien voor tien in de ochtend. De nacht ervoor hadden we bij Johan gewaakt, en terwijl Bart en Luuk naar school mochten, reed ik snel naar huis voor schone spullen. Voorbereid om eventueel weer een nacht te waken. Precies op deze plek hoorde ik toen ook die jingle.

Ik weet nog dat ik me op dat moment af vroeg hoe onze kerst er dat jaar uit zou gaan zien. Johan was zo ziek.... zou dit mijn laatste rit naar het ziekenhuis zijn dat Johan nog in leven was? Zou ik op de terugweg al weduwe zijn? Ik probeerde me te focussen op de muziek, want inmiddels liepen de tranen over mijn wangen. Net als vorige week ook weer het geval was. We weten allemaal hoe die dag afliep. Hoe ik vijf kwartier na dit ritje, te horen kreeg dat er niets meer gedaan kon worden. Dat mijn angst van die ochtend nog geen zes uur later werkelijkheid werd. Op weg naar huis was ik inderdaad weduwe. Die status heb ik inmiddels twee jaar en het went nog steeds niet.

Het brengt me terug in de realiteit. Want behalve dat, ben ik ook nog steeds moeder van drie jongens die thuis op me wachten. Intussen zingt Chris Rea "Driving home for Christmas" en zachtjes neurie ik mee.
Driving home for Christmas....dat is precies wat ik nu ga doen...

Afbeeldingsresultaat voor naar de horizon rijden

Stralend

En dan is het weer december. Een maand die mijn hele leven symbool heeft gestaan voor plezier, feest en warmte. Elk jaar het vieren van Sinterklaas, Kerstmis en Oudjaar. Elk jaar de pret bij het maken van surprises en rijm. Vlak daarna het opzetten van de kerstboom waarmee de toon  meteen gezet was. Warmte, licht en samen zijn. Elk jaar opnieuw...

Ja zelfs toen je ziek was. Kwam niet aan december, tradities die zijn er om in ere te worden gehouden. Alsof het zo moest zijn ging het tijdens je ziekte juist in december best wel goed. In 2014 kregen we een behoorlijk goede uitslag na een rete-spannende scan. In 2015 was je half december klaar met je tweede chemoserie. 2016 zou óns jaar worden! Niets wees erop dat het tegen zou zitten.
December is qua gevoel compleet overhoop gegooid. Niet voor even, maar voor altijd.

Er is namelijk een gitzwarte dag verschenen, gewoon midden tussen alle feestelijkheden. Een dag die een sluier legt over elke surprise en elke kerstboom. Jij, die zo van december hield, moest vlak na de Sint de strijd opgeven. In 2016, wat betekent dat dat "al" twee jaar geleden is. Twee jaar!

Beelden van jouw laatste dagen spoken de hele week al door mijn hoofd. Ze zijn op mijn netvlies gebrand, alsof het de dag van gisteren is. Samen de kadootjes inpakken in het ziekenhuis, twee keer per dag op de hometrainer en drie keer per dag twee rondjes lopen door de gang. Het was je enige uitje, de enige reden om uit de isolatiekamer te mogen. Het filmpje dat je op de hometrainer fietst heb ik al honderd keer gekeken. Je oogverblindende lach, je liefde voor ons, het spat er vanaf. Het geeft me kracht, een glimlach, maar net zo goed tranen.

Wie had kunnen denken dat het een week later voorbij zou zijn. Helaas zijn de herinneringen van de laatste dag minder fraai. Ik krijg ze niet weg. Het is een pijn die constant opspeelt. Jou los moeten laten is veruit het allermoeilijkst dat ik ooit heb moeten doen.

Net zoals het verdomd moeilijk is om nu nog "gewoon" de decembermaand te vieren.
Toch probeer ik me ertoe te zetten. De Sint is weer geweest, compleet met rijm en zelfgemaakte speculaastaart. Deze week zal de kerstboom weer gezelligheid gaan brengen met honderden kleine lichtjes. De kaarsjes branden in overvloed en er is alweer één grote vuurpijl besteld.
Maar eerst is er nog die vreselijke dag, 8 december zal nooit meer hetzelfde zijn.

De zwartste dag van het jaar, hoeveel lichtjes ik ook creëer.
Het enige lichtpuntje is jouw stralende lach vol liefde...





donderdag 28 maart 2019

Scheiden versus overlijden




Naar aanleiding van reacties op een eerdere blog, ga ik het hebben over verschillen én wellicht overeenkomsten tussen scheiden en overlijden. Ik kan me natuurlijk persoonlijk niets voorstellen van een scheiding. Scheiden was bij ons nooit aan de orde, dus wat ik hier schrijf, is volledig gebaseerd op hoe ik het me voorstel. Zonder oordeel, puur hoe ik het persoonlijk zie.

Ongetwijfeld "mis" ik essentiële gevoelens die bij een scheiding komen kijken. Ik ben daarentegen een ervaringsexpert op het gebied van overlijden, alhoewel dat ook gevaarlijk is. Want hoe je het ook wendt of keert, hoe cliché het ook mag klinken, elk geval staat op zich. Geen huwelijk is hetzelfde, dus ook het gevoel na een scheiding of overlijden kan per persoon verschillen. Er zullen ongetwijfeld fases zijn waar iedereen doorheen gaat, maar of dat echt zo is, weet ik ook niet zeker.

Stel dat je al jarenlang een heel slecht huwelijk had. Dat je je gevangen voelde, of niet begrepen, of gewoon doodongelukkig. Dan kan ik me voorstellen dat je uiteindelijk opknapt van een scheiding. Dat je naast het verdriet dat je hebt, je was namelijk ooit stapel op die man/vrouw, er ook een bepaald gevoel van opluchting komt. Natuurlijk heb je dan ook te maken met gemis. Alleen is dat weer een heel ander soort gemis, dan dat van iemand die dacht een goed huwelijk te hebben, maar wiens partner daar anders over bleek te denken. Dat komt naar mijn idee dichter bij het verdriet zoals je dat hebt na een overlijden. Van de een op de andere dag overal alleen voor komen te staan. Ongewild, onbedoeld en onaangekondigd.

Dan heb je natuurlijk ook nog verschil in (wijzen van) overlijden (s) onderling. Het één is niet erger dan het ander, maar als iemand plotseling overlijdt, ben je naast je verdriet ook nog eens compleet in shock. Je hebt je er totaal niet op kunnen voorbereiden. Uit ervaring zeg ik dat een lang ziekbed ook slopend is. De onmacht en het verdriet van wéten dat je liefste dood zal gaan.  Maar in zo'n geval is het overlijden onvermijdelijk en kun je, althans wij konden dat, ook "blij" zijn dat hem verder leed bespaard is gebleven. Alles was gezegd en geregeld. Het rouwen en afscheid nemen was al langere tijd bezig in ons hoofd, waardoor de grote shock uitbleef.

Hoe de naasten hun leven weer oppakken, heeft daar dus heel veel mee te maken. Zowel na scheiden als na overlijden. Nadeel van een scheiding is dat de beide partijen in het begin vaak de beste bedoelingen hebben, maar dat dat na verloop van tijd toch verandert. Nadeel van overlijden is dat de partner er daarna alleen voorstaat. Voordeel van een scheiding is dat de kinderen nog steeds een vader én moeder hebben (ook als het niet zo soepel loopt). Voordeel van het overlijden is dat de jongens altijd bij mij zijn.

Vertel me alsjeblieft dat jullie hier geen woord van geloven. Geklets natuurlijk! Niets voordeel of nadeel. Het is allebei gewoon zwaar waardeloos! Je neemt allebei afscheid van de "en-we-leven-nog-lang-en-gelukkig" droom. En dat doet zeer. Heel zeer. Sommigen durven het aan om nieuw geluk toe te laten, en een ander moet er niet aan denken! Maar is dat fout? Nee! Er is namelijk geen goed of fout in verdriet. Verdriet is geen wedstrijd, maar verdriet is gevoél en dat is voor iedereen anders. Laten we elkaar gewoon steunen zonder te oordelen. Bedenk dat je heel blij mag zijn niet in zo'n situatie te zitten. Want verdriet is niks meer dan keihard overleven.



Gerelateerde afbeelding




Zilveren feest

Hoe vier je een feestje dat je eigenlijk niet meer kunt vieren? Hoe hang je slingers op die je halverwege de weg verloren bent? Hoe kom je de dag, dat je 25 jaar getrouwd bent door, als je liefste er niet meer is? Het is een scenario waar je eigenlijk nooit bij stil staat en waar je zéker geen rekening mee houdt.

Ik zal het jullie nog sterker vertellen;
We hebben altijd elk jaar van ons trouwen gevierd, gewoon gezellig met een bakkie en 12,5 jaar met een feestje. Maar bij 20 jaar zei Jo ineens: " Laten we gezellig met onze ouders uiteten gaan. Aangezien ze al wat ouder worden, is het maar de vraag of ze ons 25 jarig huwelijk nog mee gaan maken...". Gezien het feit dat hun leeftijd op dat moment al varieerde van 74 tot 83 was dat geen absurde gedachte, vijf jaar is dan nog best een eind. Johan was op dat moment nog niet ziek, het leven lachte ons nog van alle kanten toe. Wie had toen kunnen voorspellen dat niet één van onze ouders, maar Johan zelf de grote afwezige zou zijn op ons zilveren huwelijksfeest? Dat bedenk je toch niet?

Het is niet iets wat alleen confronterend is op de dag zelf. Dit hele jaar gaat het al door mijn hoofd; normaal zouden we nu een feestje aan het plannen zijn. Ik herinner me de voorpret nog zo goed van toen mijn eigen ouders 25 jaar getrouwd waren. Stiekem geld sparen en kado's regelen. Het werd een hele happening die ik me nu, dertig jaar later, nog steeds herinner. Hoe anders is het voor mezelf, en voor de jongens. Ze hoeven niets te bedenken, geen kado's te kopen, geen huis te versieren. Want ook al is het maandag 25 jaar geleden dat we elkaar ons Ja-woord gaven, de teller is blijven steken op 23.

En toch, tóch ga ik deze dag niet overslaan. In plaats van vieren gaan we het gedenken. Ten eerste omdat ik mijn huidige leven, met onze jongens, te danken heb aan die dag. Ten tweede omdat het zo goed als zeker is dat ik de 25 jaar getrouwd nóóit meer mee zal maken. Daar hoef je geen hogere wiskunde voor gestudeerd te hebben.

Dus gedenk ik wat niet meer te vieren valt en leef ik voor hèm, zoals hij dat zou hebben gewild. Zodat ik, als onze vrienden deze dag beleven, ook terug kan denken aan "ons feestje". Want zulke feestjes steken als een mes in mijn hart, terwijl ik het hen tegelijkertijd zó gun. Alleen is de afwezigheid van Johan juist dan echt vreselijk.
Ik herdenk in liefde wat ik niet meer echt kan vieren, om de herinnering aan wat wás levend te houden. Omdat het verleden de basis is geweest voor mijn heden, en hopelijk voor een lange toekomst!
26 November 2018, een speciale dag met een zilveren randje...

woensdag 27 maart 2019

Mag het al?

Ik voel me de laatste tijd een beetje raar. Op zich is dát al raar: Gewoon het feit dat ik weer wat voél. Nog gekker is het, dat ik emoties voel die lange tijd uit mijn systeem vandaan waren.
Of die ik misschien had uitgeschakeld, omdat het niet hoorde. Omdat ik ergens bang was dat 'men' het niet gepast vond. Want rouwen is nog niet zo makkelijk.

De uitdrukking "de beste stuurlui staan aan wal", gaat hier dan ook wel een beetje op.
Er zijn, bewust of onbewust, best wat verwachtingen van de rouwende. Zo vindt iedereen het maar gek als er binnen een aantal maanden alweer een nieuwe relatie wordt aangegaan. Maar als het vijf jaar duurt wordt het wel een keertje tijd. Daarmee lijkt het een beetje op de periode dat je kinderen krijgt. Ben je binnen een half jaar na de geboorte van je eerste kind alweer zwanger, wordt er gezegd: "Zo, die heeft ook niet stil gelegen". Maar als je ukkie drie wordt en je nog niet zwanger bent, vragen ze gerust of het nog geen tijd wordt voor een tweede. Hallo, mag je dat lekker even zélf bepalen?

En dat is nu ook. Gelukkig maar dat er in onze cultuur geen ongeschreven regel geldt, dat je een bepaalde periode in het zwart gekleed moet gaan. Ten eerste staat zwart me absoluut niet, en ten tweede wil ik graag zelf bepalen wat ik aan trek. Bovendien kan kleding best veel verschil maken in hoe je voelt. Nee, aan de juiste verwachting voldoen valt heus niet altijd mee.

Zo is een overlijden is absoluut niet grappig. Maar vanaf wanneer is het dan weer geoorloofd om te lachen? Of om een liedje mee te zingen? Ik hoop niet dat er mensen zijn die denken dat het dan wel weer zal gaan. Want een liedje neemt je verdriet niet weg. Een flinke lachbui laat je echter wel je zorgen vergeten, al is dat ook maar voor heel even. De eerste keer dat ik in de auto zat en meezong met de radio had ik dat in eerste instantie niet eens door. Toen ik het me realiseerde schrok ik me kapot.  Hoe kon ik nou zingen, nog geen week na Johan zijn overlijden?

Wellicht heeft het wel een reden, een doel. Want is er wel een goed moment? Als het nu niet mag, wanneer mag het dan wél? Hetzelfde geldt voor dankbaarheid. Hoe kan ik dat nou voelen? Nee ik ben niet dankbaar voor wat er is gebeurd, maar wél voor wat we hadden en voor wat er nog over is! En nu komt daar ook nog eens trots bovenop. Ongeacht of mensen dat gepast vinden of niet.

Want niet alleen ben ik trots op hoe de jongens de draad weer op pakken, maar ook op mezelf. Trots, dat ik de band binnen ons altijd al mooie en sterke gezin in stand weet te houden. Trots, dat ikzelf óók mijn best doe om weer iets van het leven te maken. Maar vooral omdat ik ervoor gezorgd heb dat mijn lieverd nooit vergeten wordt. Dat zijn positieve kracht zelfs ná zijn overlijden nog mensen kan inspireren. En Jo? Die kijkt met een big smile toe hoe wij dat voor elkaar krijgen...



Forever young

Het is weer zover. Ondanks dat ik dacht dat ik er op voorbereid was, ondanks dat het soms best redelijk met me gaat, heeft het me toch weer in zijn greep. Zelfs het dagje sauna heeft me maar heel even "Zen" gemaakt.

Het is er haast ongemerkt weer ingeslopen, heel langzaam is het monster van angst weer ontwaakt. Stukje bij beetje grijpen de tentakels steeds verder om zich heen. En dat alles komt door deze periode in het jaar. Voor velen zijn het slechts data, net als alle andere. Voor mij betekent elke dag in deze periode een herinnering. En dan meestal geen fijne...

Het begon op 25 augustus 2014, de dag dat we naar de dokter gingen. Vervolgens de dag van de definitieve uitslag, de eerste chemo en tussendoor alle dagen van angst. September 2015 stond opnieuw in het teken van chemotherapie. Gelukkig was toen ook ons tripje naar Rome,
waardoor ik nu ook nog eens een leuke herinnering krijg van facebook. September 2016 luidde het begin van het einde in. Al met al niet echt de prettigste periode om op terug te kijken, wat zich bij me uit in onrust. Een naar, onbestemd gevoel in mijn buik, waar ik zelfs hoofdpijn van krijg.
De herinneringen zijn niet namelijk het enige pijnlijke, er is nog meer...

Half september ben ik jarig, en wat eigenlijk een mooie dag moet zijn, voelt dit jaar dubbel pijnlijk. Ik word namelijk 46. Johan werd helaas niet ouder dan dat.
Ik besef heel goed dat ik hem qua leeftijd nu in ga halen. De laatste verjaardag die híj nog heeft mogen vieren, terwijl ik ervan uit ga dat ik nog even door kan. Het doet zeer en het voelt vooral oneerlijk.

Ik kan niet stoppen met leven nu hij er niet meer is, maar doorleven doet zo verdomd zeer. Zeker op dit soort momenten. In mijn herinneringen zal hij altijd blijven zoals hij was, niet alleen in zijn doen en laten, maar ook in zijn uiterlijk en leeftijd. Ooit ben ik misschien 65 en zie ik hem nog steeds als 46 jarige. Hoe mooi zou hij oud geworden zijn? Zijn, nu al licht grijzende, slapen zouden ongetwijfeld nog grijzer zijn geworden en zijn lijf wellicht wat strammer. Maar zijn stralende lach zou nooit verdwijnen net zo min als de lichtjes in zijn ogen.
Wat had ik het graag willen zien...

Voorlopig word ik 46, wie weet hoeveel jaren mij extra gegeven worden. Ik ga mijn best doen om te blijven léven. Ook als ik oud word, grijs en verkreukeld.
Ik weet namelijk zeker dat Jo wil dat ik het positief bekijk.
Met zijn stralende lach en ogen vol pret hóór ik hem bijna zeggen:
Lieve schat, hoe oud je ook mag worden, je houdt altijd een lekkere jonge vent...








Geloof jij in rouw, of rouw jij in geloof?


Wat voor effect heeft rouw op je geloof? Een lastig onderwerp, niet iedereen gelooft namelijk in een God. Ongeacht welke God dat dan ook zou mogen zijn. Het ligt er maar net aan in welk gezin je word geboren en in welk land.

Ik werd geboren in een praktiserend katholiek gezin. Met een opa die koster was, groeiden mijn ouders op in een tijd, waarin je zo'n beetje dagelijks naar de kerk ging. Zover ging het bij ons dan niet meer, maar ik vond het van kinds-af-aan heel vanzelfsprekend dat er een God was. Waar en hoe die er dan uit moest zien, daar dacht ik niet over na. God was voor het goed en kwaad, een grote vriendelijke reus die de boel hier op aarde in de gaten hield. Ik vond dat ook wel een fijn idee. Als er namelijk een God was, dan was er óók een hemel. En daarmee ook nog een soort leven na de dood. Zolang ik niks schokkends meemaakte hield ik me daar dan ook aan vast. Als ik hier beneden mijn best deed om een goed mens te zijn en God deed zijn werk vanuit de hemel, was het allemaal zoals me van huis uit was meegegeven.

Tót het moment dat er een paar afschuwelijke dingen gebeurden, in ons eigen leven en in het leven van mensen om ons heen. Het noodlot trof mensen, en zelfs kinderen, die anderen geen vlieg kwaad deden. Ziekte, ongelukken, dood... wacht even... dat was toch niet de afspraak! Wij hielden ons netjes aan ons deel, hoe kon dit dan gebeuren? Voor het eerst in mijn leven wankelde ik, kreeg ik vraagtekens en ging ik dieper nadenken over de zin van ons bestaan. Ook vroeg ik mezelf af of het wellicht een straf was. Want ook al probeerde ik mijn best te doen als mens, ik ging niet meer wekelijks naar de kerk. Ik was er in de loop der jaren van overtuigd geraakt dat geloven niet alleen in de kerk hoefde. Zou lekker worden, klooi je de hele week maar wat aan, maar omdat je dan op zondag in de kerk zit ben je goed bezig. Dat gaat er bij mij niet in.

Na Johan zijn overlijden heb ik een poosje helemaal niets gevoeld en wist ik ook niet meer wat ik moest geloven. Rouwen maakt je leeg, verdrietig en kost enorm veel energie. Maar toch...
Ergens kreeg ik kracht om door te gaan. Iets of iemand ging voor ons uit met een klein lichtje om de weg te wijzen.Zou die God dan toch bestaan?
Het is zo makkelijk om je geloof te verliezen in lastige tijden. Uiteindelijk hóóp ik nu vooral dat er een God is, in welke gedaante dan ook. Want als die God er is, is de hemel er ook vast. En wanneer ik dan als goed mens blijf leven, kom ik Johan ooit weer tegen.

Het waarom van veel dingen zullen we wellicht nooit kunnen achterhalen, maar misschien zegt deze zin (uit het gedicht van de rouwkaart) wel alles:
"God broke our hearts to prove us, he only takes the best"...
Dus zeg het zelf maar.
Geloof jij in rouw, of rouw jij in geloof?



dinsdag 26 maart 2019

Weet je nog

Weet je nog, al die keren? Al die keren van ons samen?
Die keer bijvoorbeeld, dat we net Bart hadden en zaten te fluisteren in huis, omdat we dachten dat we zachtjes moesten doen? Of die keer dat jij uit je werk kwam, en dacht dat Luuk de tekening had gemaakt die op het prikbord hing, maar het kunstwerk van Mark afkomstig bleek te zijn?
Of die keer dat je pannenkoeken stond te bakken voor de hele klas, als traktatie voor de verjaardag van een van de jongens? Of die keer dat Luuk zó blij was dat je thuiskwam dat hij in zijn enthousiasme met zijn speelgoedhark op de motorkap van de buren sloeg?
Weet je nog...?

Ik weet ze nog. Ik weet er nog veel meer...
Gelukkig weten onze gasten ook nog veel van die weetjes.
Want dit zijn de dingen waarop we door moeten. Soms lijkt het er misschien op dat we alleen de leuke dingen onthouden hebben. Maar eerlijk waar, het feit is dát er bijna alleen maar leuke dingen waren. Bij elke herinnering zie ik steevast een enorme grijns op je gezicht.
Al die ontelbare keren die gegraveerd zijn in mijn geheugen. Die me voor altijd zullen herinneren aan mijn eerste leven, óns eerste leven.

Want dát is wat een beetje speelt momenteel in mijn hoofd. Er is een leven voor en een leven na. Dat leven vóór beviel me prima, dat had gewoon voor altijd door mogen gaan. Juist omdat dat zo goed was, valt het leven ná niet makkelijk in te vullen. Niets, maar dan ook niets kan de lege plek die jij achterliet invullen. Het is zoeken naar een nieuw doel. Het doel uit ons leven vóór is namelijk niet meer haalbaar. Maar hoe vind je een nieuwe uitdaging, als je bijna 30 jaar tevreden was met hoe het ging?

Ik kan me heel goed voorstellen hoe kinderen in de derde van de middelbare school zich moeten voelen. Een richting kiezen. Een keuze maken die bepalend is voor de rest van je leven. Want door voor het één te kiezen doe je veelal de deur voor iets anders dicht. Ik wil niet kiezen. Misschien ben ik gewoon bang om de verkeerde keuze te maken. Al ben ik er ook wel van overtuigd dat jij me dan een teken zult geven. Net zoals ik me gesteund voel door kleine tekens die je geeft als ik wél goed kies.

Ik wil óók niet kiezen omdat ik geen leven ná wíl. Ik wil gewoon het oude terug.
Mag dat ook? Mag ik kiezen voor het leven vóór? Een leven vol met "weet-je-nog's".
Een leven vol met jou en met ons. Ik kan ook gewoon nog even níét kiezen , just "go with the flow".
Ik hoef geen pannenkoeken meer te gaan bakken op school als traktatie, ik hoef ook niet meer te fluisteren als ze op bed liggen, en tekeningen hangen ook niet meer op het prikbord.
Maar we kunnen wel andere dingen opslaan; vakanties, grappige situaties, uitstapjes, mijlpalen met school, werk of sport.

Zolang we ze maar met elkaar blijven beleven.
Zodat we aan het eind van dit leven-ná nog steeds tegen elkaar zeggen:
Weet je nog?




Gebakken lucht

Vakantie 2018
Net als vorig jaar hebben we besloten om het vliegtuig te pakken. Weg uit onze vertrouwde, maar o zo confronterende, omgeving. Weg van alle dagelijkse beslommeringen, weg van de realiteit, óp naar de zon.Nu hadden we daar dit jaar achteraf gezien het vliegtuig niet voor hoeven nemen. De temperaturen zijn hier nu al bijna twee maanden tropisch, wat me in elk geval alvast een redelijk kleurtje heeft opgeleverd.

We namen dus het vliegtuig, op weg om nieuwe herinneringen te maken én om even niets te hoeven.
Eenmaal in de lucht verbaasde ik me opnieuw over het feit dat dat ding ten eerste van de grond komt, en ten tweede dat ie daar dan ook gewoon blijft hangen! Ik bedoel maar: een toestel met daarin een paar honderd mensen in een evengroot aantal stoelen, honderden blikjes bier en frisdrank en dozen vol pinda's en ander vreetwerk.... Alsof het de gewoonste zaak van de wereld is brengt het je van ons koude kikkerlandje naar een eiland ergens voor de kust van Marokko. Hoger dan je vanaf de grond bedenken kunt, vlieg je over bergen, door storm en regen, dwars door de wolken heen, de zon tegemoet.

En dan lig ik hier nu op mijn bedje bij het zwembad naar de lucht te staren. Ik zie gelijksoortige wolken als waar we doorheen gevlogen zijn, vooral witte. Witte wolken waar ik allerlei figuren in probeer te zien. Wolken die eruit zien alsof je ze zo kunt pakken, alsof het een grote pluk watten is.
Helaas heeft de vliegreis die illusie verstoord...
Die prachtige engel, dat olifantje, hartje of hondje blijkt na één enkeltje waar-dan-ook-naartoe, niets meer of minder dan gebakken lucht, waar je dwars doorheen kunt. Is dan niets meer wat het lijkt?
Is alles wat van een afstandje zo tastbaar lijkt dan een luchtkasteel?

Neem nou jouw leven, óns leven...
De liefde was bijna tastbaar, niet alleen van een afstand, maar ook zéker van heel dichtbij. Maar toch...Nu, ruim 1,5 jaar na je overlijden, is mijn liefde voor jou nog minstens net zo groot, alleen het tastbare ben ik kwijt. Als ik het wil omarmen ga ik er dwars doorheen. Terwijl ik zéker weet dat onze liefde geen gebakken lucht was. Onze jongens zijn daar het levende bewijs van.
Dus stiekem verheug ik me op morgen, dan zit ik weer hoog in de lucht. Ik hoop dat ik jou tegenkom op een wolkje. Ik zal naar je uitkijken en misschien neem je me dan wel mee. Mee op je wolk, via regenbogen en potten met goud, bij Droomland linksaf, zo naar ons eigen luchtkasteel...


Oei, ik groei

Oei, ik groei!
Een ieder die ooit kinderen heeft gekregen en dit leest, komt de zin bekend voor. Het is de titel van een boek voor kersverse ouders, waarin de sprongetjes in ontwikkeling van het kind onder de loep worden genomen. Waar de sprong voor dient en vooral: waarom het kind tijdens de sprong niet te genieten en vaak huilerig is. Vandaar dat ik voor mezelf momenteel niets anders kan concluderen: Oei, ik groei!

Gelukkig niet meer in de lengte, of (erger nog) in de breedte, maar dat ik groei is een feit.
Het gaat heel ongemerkt, stapje voor stapje. Van sprongen maken is bij mij absoluut geen sprake, maar gezien de soms onverklaarbare huilbuien of woedeuitbarstingen, ben ik wel gezegend met de bijbehorende bijwerkingen. Helaas. Of moet ik zeggen: gelukkig? Want dat ik überhaupt groei kan alleen maar positief worden uitgelegd. De ongemakken moeten we dan maar voor lief nemen.

Was er in het verleden altijd sprake van overleg als iets besloten moest worden, tegenwoordig komt mij de eer toe het in mijn uppie te beslissen. Het is maar goed dat ik Jo echt dóór en dóór kende, dan kan ik daar nu nog enige houvast in vinden. Moet ik dan zoveel keuzes maken? Nou toch meer dan je denkt. Bewuste keuzes laat ik nog steeds het liefste links liggen, zeker als ik langer dan een week twijfel. Maar er zijn zat keuzes die je ongemerkt maakt. Natuurlijk deed ik dat vroeger ook al wel, maar dan waren het keuzes voor óns. De meeste keuzes maakte ik toen nog in het belang van ons gezin.

Maar nu de jongens groter zijn, en in veel dingen hun éigen keuzes maken, mag ik meer mijn eigen koers varen. Waar voel ík me goed bij. En verbazingwekkend genoeg gaat dat soms best goed! Langzaam maar zeker verdwijnt mijn angst om te kiezen. Een van de dingen waarin mijn groei me opviel, is de op handen zijnde vakantie. Vorig jaar gingen we voor het eerst met zijn vieren.
En waar veel mensen zeiden en dachten: "goh wat lekker voor jullie ", voelde dat absoluut niet zo. Huilend zat ik bij het reisbureau om een reis te boeken...

De vakantie zelf was dubbel. Natuurlijk was het heerlijk om even te kunnen genieten van de zon en (vooral) een andere omgeving. Toch was de confrontatie met de werkelijkheid keihard. Het maakt namelijk niet uit wat we doen of waar we heen gaan, we zullen nooit meer compleet zijn.
En dáár komt mijn groei om de hoek kijken. Want had ik vorig jaar vooral een knoop in mijn buik voordat we weggingen, nu kijk ik er stiekem enorm naar uit. Ik verheug me echt op de all-inclusive vakantie. Eindelijk wordt er weer eens voor míj gezorgd, hoef ik gewoon niks te doen!
Verklaart ook meteen waarom de tranen soms weer hoog zitten en ik sneller geïrriteerd ben. Misschien vormen al mijn kleine stapjes wel een klein sprongetje...
Hoe dan ook, één ding is duidelijk:
Oei, ik groei!



vrijdag 22 maart 2019

Geven en nemen


Ben jij van jezelf een gever of een nemer? Stel jij alles in het werk om een ander gelukkig te maken en vergeet je daarbij vaak jezelf, ondanks dat je ook gelukkig wordt als de ander gelukkig is? Of ontvang je liever en ben je je niet eens echt bewust van hetgeen een ander voor je doet?
Eigenlijk dus een gewetensvraag...

Durf jij jezelf geluk te gunnen en kun je dus vrijuit ontvangen?

Ik merk dat het antwoord cruciaal is in een situatie, waarbij je na een lange tijd weer alleen komt te staan.
Dat kan na een overlijden zijn, maar zeker ook na een scheiding.
Durf je jezelf daarna weer nieuw geluk te gunnen?
Ik ben eerlijk gezegd meer van het geven. Een antenne op mijn hoofd zorgt er meestal voor dat ik meteen in de gaten heb hoe iemand zich voelt. Mijn zorgzame aard neemt het dan over en wil niets liever dan zorgen voor... niet eens in grote dingen, maar gewoon; een praatje, bloemetje of ander kleinigheidje om maar te zorgen dat die ander weer wat gelukkiger wordt. Het gevoel te geven dat de ander ertoe doet en het waard is. Al is het maar voor even...

Maar hoe lastig is het als die ander het, net als ikzelf, lastig vindt om te ontvangen? Om wat voor reden dan ook.
Er zijn namelijk talloze redenen om dat moeilijk te vinden.
Stel dat je net uit een ingewikkelde relatie komt, wellicht twijfel je dan wel over alles. Geloof je dan nog in de oprechtheid van mensen? Dat er in deze ( vaak zo gehaaste en ik-ik-ik-wereld) nog mensen zijn die onbaatzuchtig het beste met je voor hebben? Zonder iets terug te verlangen.
Durf je dan te ontvangen? Of hou je altijd een bepaalde angst om opnieuw teleurgesteld te worden en ontneem je jezelf het wellicht nieuwe geluk?

Zelf vind ik het lastig omdat het betekent dat iemand anders ook een antenne blijkt te hebben, en daarmee dieper kan kijken dan wat mijn buitenkant laat zien. Iemand die mijn angst, onrust en onzekerheden blootlegt. Die mij even duidelijk laat merken hoe het voelt om te mogen ontvangen, zelfs als je liever geeft. Het werkt als een spiegel. Het geeft me begrip voor diegenen die ook lastig vinden om "zomaar" te krijgen.
Want wie gééft er nou tegenwoordig nog zonder bijbedoelingen?

Gelukkig voor mij kom ik niet uit een ingewikkelde relatie. Geven en nemen vloeiden jarenlang moeiteloos in elkaar over. En soms, zoals ik er nu op terug kijk, was het inderdaad soms meer van het een dan het ander. Maar dat was nooit een issue, want dat heet LIEFDE.
Ik geloof erin, nog steeds.

Ooit hoop ik dat het geven en nemen weer zullen samenvloeien. Tot die tijd blijft mijn antenne actief en gun ik iedereen geluk. En als iemand wil geven zal ik durven aanvaarden.
Omdat jij het waard bent, en ikzelf ook...










vrijdag 15 maart 2019

Vlinders

Mijn kind is verliefd. Niet voor het eerst, maar wel voor het eerst na Johan zijn overlijden. Het is gelukkig wederzijds.
Vlinders dartelen hier dus dagelijks door het huis. Ze zijn gelukkig en blij en zo hoort het ook te zijn.

Ik ben natuurlijk blij voor ze. Het doet me regelmatig terugdenken aan het begin van onze verkeringstijd. Zelfs ik voel nog steeds de vlinders komen bij de gedachte aan toen. Is het echt al dertig jaar geleden? Ik herinner me echt nog elk detail.  De spanning (vindt hij me echt leuk?), maar ook de blijdschap. Het gevoel van thuiskomen, wéten dat dit het is, dat je niet verder hoeft te zoeken.

Kregen we destijds vaste dagen waarop we af mochten spreken( woensdagavond en het weekend), nu gaat dat veel makkelijker. Als het uitkomt spreken ze af, soms vier keer per week en soms maar één of twee keer. Gelukkig hebben ze de app waarmee ze sowieso dagelijks contact kunnen hebben. Wat is dat een vooruitgang, wij hadden alleen een vaste lijn. En daar kon je écht niet onbeperkt mee bellen. Ja het kon wel, maar dan kwamen er toch wel subtiele kuchjes of handgebaren dat het zó wel lang genoeg was.

Ook het schrijven van brieven is aan deze generatie niet meer besteed. Ik heb gelukkig nog een hele stapel liggen van toen Johan in dienst was. Regelmatig moest hij op bivak, waardoor we elkaar soms twee of drie weken niet zagen. Dagelijks keek ik dan uit naar de post, want dat was de enige manier om contact te hebben. Ik koester die brieven.  Na het overlijden heb ik één keer een poging gedaan om ze te lezen maar dat was nog te confronterend. Het begin van onze liefde, van ons leven samen. Best jammer dat dát soort dingen niet meer worden vastgelegd voor onze kinderen.
Misschien toch handig om ze hun app-gesprekken af en toe naar hun gmail te laten sturen, zodat ze ooit ook nog iets hebben om terug te lezen.

Maar ik merk ook, dat niet álles is veranderd. Stiekem zie ik een herhaling van ons geluk. Ze vieren hun liefde net zoals wij dat deden. Elke maand is "hun" dag speciaal, elke keer kunnen ze er een maand bijtellen. Ik hoop dat die maanden jaren worden. Dat ze ook het gevoel van thuiskomen zullen ervaren bij elkaar.

Boven alles hoop ik vooral dat hun geluk niet voortijdig wordt vernietigd. Het was ons niet gegeven om samen oud en grijs te worden, maar laat het onze jongens dan wél gegund zijn. Alledrie, met wie ze maar willen. En ik hoop dat ik dat dan nog mee mag maken...



vrijdag 8 februari 2019

Sweet dreams

Ik snap er soms niks van, ik doe zó mijn best om bewust te leven. Ik wéét waar mijn valkuilen liggen en kan ze redelijk goed ontwijken. Meestal dan. Helaas ben ik er blijkbaar weer compleet ingestonken. Vrijdagavond 23.00 uur. Ik ben moe. Niet gewoon moe, maar zowel geestelijk als lichamelijk toe aan rust en ontspanning. De dagen zijn druk. Druk met verplichingen én met leuke dingen.

Een nieuwe nacht ligt voor me en ik weet niet of ik er blij van moet worden. De afgelopen zes nachten waren namelijk geen feest. Ik ben zo vreselijk onrustig, mijn hartslag is hoger dan normaal en mijn wil om eens goed te slapen maakt het bij voorbaat al onmogelijk. Ik woel en draai van mijn linkerzij naar rechts en zo naar mijn buik. Net zolang tot er geen koel plekje meer te vinden is in dat megabed, dat veel te groot is voor mij alleen.

Ik hoor het laminaat kraken en vraag me af of jij het bent. Het enige dat het oplevert is een nog hogere hartslag. Ik lig muisstil te wachten op nóg een teken van jou. Sommige mensen zien hun overleden geliefden weleens op de rand van het bed zitten, of in de kamer staan. Stiekem hoop ik dat misschien ook wel, al ben ik al blij met de verbinding die we op geestelijk vlak met elkaar hebben gehouden. Twee keer heb ik gevoeld dat iemand mijn arm pakte, echt héél bijzonder. Maar jouw aanwezigheid door de dag heen is al troostend genoeg.

23.30 uur, waar blijft de slaap? Dit wordt toch niet wéér zo'n nacht? Nog een paar uur, dan is het twee jaar geleden dat ik werd gebeld door de arts dat ze je naar IC gingen brengen. Het hele scenario komt weer voorbij, alsof die jaren zijn weggevallen. Het gepiep van de apparatuur klinkt als een vreselijk alarm in mijn hoofd. 01.00 uur, ik ga nog maar een keer naar de wc. Misschien val ik daarna in slaap.

Het wordt 02.00 uur en 03.00 uur. Niets is meer goed. De kussens zijn te plat, het bed is te warm. Mijn  gedachten malen, niet alleen over jou, maar ook over alle ellende op het nieuws. Het landelijke ongeloof over een noodlottig ongeval, wéér een gezinsdrama... zoveel nieuwe gezinnen die voelen waar ik ook doorheen ga. Ik zou zó graag iets voor ze doen. Ze troosten, en zeggen dat het goed komt. Maar het komt niet meer goed... Het wordt nooit meer als hoe het was.

03.45 uur, help me nou, laat me alsjeblieft een paar uur slapen... Slaap je eigenlijk ook nog als je bent overleden? Kom in dat geval maar naast me liggen, dan kruip ik in je armen net als toen je er nog was. Het werkt blijkbaar. Voor mijn gevoel vijf minuten later gaat mijn kamerdeur open: "Hey mam, het is 09.00 uur. Ik dacht ik roep u maar want we moeten zo naar de voetbal".

Een nieuwe dag, nieuwe ronde, nieuwe kansen. Met vijf uurtjes slaap kan ik er weer even tegenaan. Komende nacht doe ik het anders. Ik heb jou namelijk vanmorgen in bed laten liggen. Dus vanavond kruip ik meteen tegen je aan, in de hoop op nacht slaap met de mooiste dromen. Sweet dreams..



vrijdag 18 januari 2019

Durf ik wel?

Ik ben er klaar mee. Na twee jaar durf ik hardop te zeggen dat ik er geen reet aan vind. Het is genoeg geweest, van mij mag hij per direct terug komen.

Alles wat vroeger leuk was is nu anders. Ik was vroeger al niet de gangmaker op feestjes, maar nu voel ik me er nog minder op mijn gemak. En dat allemaal omdat ik Johan elke dag een beetje meer mis. De leegte in me, die elke dag een beetje leger wordt, verstikt me. Ik probeer het echt wel, ik ga weinig uit de weg, maar wàt ik ook probeer, die blik of arm als ik hem zoek is weg. En dat is nu juist wat ik nodig heb.

Ik heb momenteel een haat/liefde verhouding met mezelf, met mijn nieuwe 'Ik' die is ontstaan. Ik vind sommige veranderingen aan mezelf echt niet leuk,  ondanks dat ik er niks aan kan doen. Aan de andere kant blijk ik kwaliteiten te hebben die ik niet achter mezelf had gezocht. Behalve dat, rijzen er vragen in mijn hoofd die ik mezelf niet eerder wilde stellen. Waar ik niet eens aan kón denken.

Wil ik echt voor altijd "alleen" blijven? Alleen met de herinneringen aan mijn lief? Of durf ik toch verder te bouwen op de basis die hij heeft achtergelaten? Zonder hem te vergeten uiteraard. Op zoek naar wellicht ooit toch weer een blik, die me vol liefde aankijkt. Maar hoé dan ooit in godsnaam?

Ja natuurlijk heeft Johan tegen me gezegd dat hij niet zou willen dat ik voor altijd alleen zou blijven. Maar toch, zoiets horen of zeggen is wel net even iets anders dan het daadwerkelijk doen. Hoe weet je bijvoorbeeld of iemand het beste met je voor heeft? Of iemand echt voor míj gaat?

En dus ga ik het nog maar even uit de weg. Bang om verkeerd te kiezen. Maar wellicht nóg banger om goed te kiezen, en dan ooit wéér te verliezen. Omdat je nou eenmaal geen garanties krijgt. Omdat ik het nooit zal mogen vergelijken met de geweldige jaren die ik met Johan heb gehad. Omdat ik werkelijk niet weet of ik het aankan om vol voor die iemand te gaan, mocht hij onverhoopt ook ziek worden.

Dus doe ik het voorlopig nog maar met de gedachte aan zijn blik, zijn stem en zijn armen.
Omdat ik in wezen gewoon bang ben. Schijterd dat ik ben.
Wie weet ooit... want alleen is ook maar alleen...






donderdag 10 januari 2019

Champagne of Jus?

Je kent ze wel, de testjes op Facebook. "Wat betekent je naam?", "Wat voor soort moeder ben je?" of "Hoe zou je eruitzien als man?". Al vraag ik me af waarom ik dat zou moeten en willen weten. Ik ben namelijk dik tevreden met de vrouw die ik ben. Stel nou dat ik als man leuker ben, dan heb ik toch echt een probleem... Nee, ik laat die testjes meestal aan me voorbij gaan.

Alhoewel ik er ééntje tegenkwam waar ik toch over na ging denken. "Welk drankje beschrijft je persoonlijkheid?" Stom eigenlijk dat je dan meteen aan de luxere drankjes denkt en niet bijvoorbeeld aan een glas melk of spa rood. Want willen we niet allemaal een wijntje uit een goed jaar zijn, of een feestelijk glas champagne? Bruisend en levend, met het liefst een mooie afdronk. Zonder de test te doen dacht ik er stiekem toch over na.

Voor Johan ziek werd was ik vast iets zonder alcohol. Voorzichtig en veilig zodat je altijd nog met me achter het stuur kon zitten. Alcoholvrij en met een lichte prik erin. Die lichte bruis, omdat ik graag 'in controle' wilde zijn en er niet goed tegen kon als dingen anders liepen dan ik had gepland. Soms werd ik  daar een beetje prikkelbaar van.

Toen Jo ziek werd ruilde ik het in voor iets pittigers. Durfde ik wellicht wat meer de touwtjes te laten vieren. Beseffend dat het leven zo voorbij kan zijn, veranderde ik langzaam in een Baco. Een drankje dat je wegdrinkt als limonade ondanks het alcoholpercentage. Zoet als nectar, doordat het de bloeitijd van mijn leven zou moeten zijn. Helaas wel gemixt met cola waar de prik af was. Het bruisende was weg, lamgeslagen door de streek die het leven ons leverde. Maar ondanks dát, was het wel een drankje dat stond voor genieten.

Inmiddels ben ik omgetoverd tot een verse jus d' Orange. Geen waterig aftreksel maar eentje met een flinke laag vruchtvlees. Pulp, wat symbool staat voor mijn rouw. Als ik wat dagen heb dat mijn leven gevuld is met normale dagelijkse dingen, krijgt mijn verdriet de kans om zachtjes in te dalen. Langzaam zakt het naar de bodem tot er een dikke laag ontstaat. Tót er iets gebeurt dat alles door elkaar schudt. Alsof er met een roerstaafje in mijn glas wordt geroerd, vermengt een blik, liedje of herinnering de pulp weer met het sap. De vezels dwarrelen weer overal net zoals mijn verdriet weer naar boven komt. Een draaikolk van emoties neemt bezit van me tot het weer eens in kan dalen.

Maar Jus is wel weer erg veilig, en dat past eigenlijk niet meer bij me. Ik weet inmiddels dat ik nooit alle controle kan houden. Hoe veilig je ook leeft.  Voordeel is dat ik er altijd wodka bij kan gooien om de boel een beetje op te spicen...
Voorlopig is dit drankje goed, al hoop ik ooit toch die fles champagne te worden. Met knalkurk en bubbels, en een klein beetje pulp...













vrijdag 14 december 2018

Elk huisje...


De zomer is al even voorbij, de klok is weer teruggezet naar wintertijd, en dat betekent dat ik mijn rondje na het avondeten weer in het donker loop. Voorlopig dus geen duinen meer, maar blijf ik (ook op verzoek van de jongens) in de bewoonde wereld. Hoe laat ik loop hangt een beetje af van het tijdstip dat we eten.

Vanavond was ik vroeg, rond 18.00 uur. Het moment waarop veel mensen net thuis komen uit hun werk. Het is koud, ik draag mijn dikste jas en mijn handen zijn verstopt in handschoenen, die diep in mijn zakken zitten. In bijna alle huizen brandt licht en automatisch kijk je dan toch naar binnen. Moeders die aan het koken zijn, gezinnetjes die aan tafel zitten of mensen die lui onderuit op de bank liggen en televisie kijken. Ik moet glimlachen, het ziet er allemaal zo vredig uit met al die lampjes bij iedereen. Er slaat een autoportier dicht en een klein stukje verder in de straat gaat een voordeur open en rennen twee kindjes naar buiten: "papa!!!"

Heel even voel ik een scherpe steek van jaloezie. Zo ging het bij ons ook altijd... Johan kreeg niet eens de tijd om zijn sleutels neer te leggen of hij had al een paar aapjes om zijn nek. Strijdend om voorrang, om zo als eerste te kunnen vertellen wat ze die dag gedaan hadden. Pas als hij ze alledrie had geknuffeld en aangehoord kon hij zijn jas uitdoen. Ik gebruikte het knuffelmoment altijd om alvast een bakkie te zetten. Wat lijkt het nog kort geleden, maar in werkelijkheid zijn die momenten al tien tot vijftien jaar terug.

Ik loop verder en even later kom ik een echtpaar tegen, heftig met elkaar in discussie. Als ze me naderen dempen ze hun stemmen, maar ik kan de spanning tussen hen bijna vastpakken als ze langs me heenlopen. Tja, dat heb je dus ook. Geen blokje lopen ter ontspanning, maar misschien wel om de kinderen geen getuige te laten zijn van de dikke ruzie die ze hebben.

De rest van mijn rondje kijk ik toch anders de huizen in. Zoveel huizen, zoveel gezinnen, elk met hun eigen sores. Of het nou gewoon ruzie is, of problemen met de kinderen, geldzorgen of ziekte; elk huisje heeft zijn kruisje. Ondanks alles ben ik blij dat ik weer naar mijn eigen huis loop. Ons huis, waar dan wel een onmenselijk gemis is, maar waar verder geen spanning heerst. Waar de lichtjes me uit de verte al welkom heten, en ik weet dat de jongens op me wachten. Nee, de tijd dat ze naar de voordeur renden als ik thuiskwam is voorbij. Maar ze zetten wel een bakkie voor me en hebben vaak zelfs de kaarsjes al aangestoken.

Het verzacht de pijn die ik onderweg even voelde, en ik ervaar het rare besef dat ik met niemand zou willen ruilen. Maar wat zou ik graag nog even teruggaan in de tijd. Dat onbezorgde geluk weer ervaren. Kon het maar... al was het maar heel even...




donderdag 13 december 2018

Waar te koop

MIJN BOEK IS KOOP BIJ DE VOLGENDE (BOEK)WINKELS:

Uitvaartverzorging Barbara, Gooweg, Noordwijk
Bruna, Kerkstraat ,Noordwijk
Uitvaartverzorging Ivonne Clemens, Van limburgstirumstraat, Noordwijk
Verfspecialist Lassooy, St Jeroensweg Noordwijk
HP Uitvaartverzorging, Essenrode 41 in Voorhout
Boek Kado Enzo, Dorpsstraat Warmond
Boekhandel De Kler, Breestraat Leiden
Bruna Symfony Nieuw Vennep
Boekhandel Van Der Meer, de Keuvel, Noordwijk
Bruna Hoofdstraat, Noordwijk
Primera Voorhout, Jacoba van Beierenhof
De Beweegschool, Molenstraat, Noordwijk

Verder is hij te bestellen via:


reisdoormijnrouw@gmail.com














donderdag 29 november 2018

Ik mis je

Ik mis je. Van mijn haren tot het puntje van mijn kleine teen. Altijd en overal. Het is voelbaar in elke seconde en alles wat ik doe. Vaak stil en voor anderen niet zichtbaar, maar af en toe schreeuwt het zich een weg naar buiten. Bij alles wat ik zie ervaar ik een scherpe pijn. Het verlangen naar wat we hadden is zó groot.

Jij en ik, elkaars gelijke en elkaars verlengstuk. Dat wás, tot twee jaar geleden, heel vanzelfsprekend... Maar stel nou hè, stèl je nou eens voor dat je terug kon komen. Gewoon, dat de bel gaat en jij voor de deur zou staan. Je sleutels liggen namelijk nog op hun plekje, dus die kun je nog niet gebruiken.

Als ik open zou doen, zou je me dan nog herkennen? Zou het nog steeds vertrouwd voelen of een beetje ongemakkelijk? Ik stel me voor dat ik mijn armen om je heen zou slaan, vastbesloten om je nóóit meer los te laten.

Weet je dat ik nog steeds droom van die knuffels?  Ze waren het laatste jaar van je leven bijna onmogelijk. Als je in het ziekenhuis lag waren wij gekleed in astronautenpakken, met als enige accessoire een lichtblauw mondkapje. Niet echt uitnodigingend voor een omhelzing. Maar als je thuis was, was ik toch voorzichtig. Bang om je zeer te doen en eigenlijk ook bang om weer geconfronteerd te worden met een opgezette klier. Die dingen 'plopten' op een gegeven moment overal op uit je lijf. De zichtbaarheid en voelbaarheid van die kutziekte. Ik wilde het niet voelen, liever ook niet weten, dus de knuffels waren lang niet meer zo spontaan.

Hoe zou dat zijn als je ons leven nu weer kon binnenwandelen? Zouden we nog steeds genoeg hebben aan een half woord, elke dag vol overgave plukken en de glazen halfvol houden? Zou je net zoveel houden van onze nieuwe 'ik' als van onze oude? Want we zijn allemaal veranderd na jouw overlijden. Eerst kapot gemaakt en daarna gegroeid, sterker geworden. We doen de dingen zoveel mogelijk in jouw verlengde, in hoe we denken dat jij het zou hebben gewild. Desondanks is alles anders dan voorheen.

Maar vertel eens, jij bent ongetwijfeld ook veranderd. Verteerd door verdriet dat je ons achter moest laten, maar jou kennende daarna ook weer opgestaan en uitgegroeid tot een ziel met power. Die kracht laat je ons namelijk voelen en dat voelt goed. Dus als je kunt mag je komen, ik denk dat we elkaar wel weer vinden ondanks dat we allebei veranderd zijn. You and me against the world.
Je hoeft alleen maar aan te bellen...